Wat is níet toegestaan?

Allereerst, wat is in ieder geval níet toegestaan? De werkgever moet ervoor zorgen dat de inbreuk op de privacy zo veel mogelijk wordt beperkt. Wat betekent dat concreet? Het is bijvoorbeeld niet toegestaan camera’s op te hangen in toilet- of doucheruimtes. Ook mag de camera geen geluidsopnames maken, omdat geluid meestal niet nodig is voor het doel van het cameratoezicht (bijvoorbeeld het opsporen van diefstal).

 

Inbreuk op de privacy

Het gebruik van camera’s maakt een inbreuk op de privacy van werknemers. De camerabeelden zijn persoonsgegevens en vallen daarom ook onder de AVG. De werkgever heeft daarom een grondslag nodig om deze persoonsgegevens te mogen verwerken. Voor werkgevers die camera’s willen gebruiken is dat de grondslag van het gerechtvaardigd belang. Dit belang kan bijvoorbeeld bestaan uit het tegengaan van diefstal van eigendommen, het voorkomen van fraude of het beschermen van bezoekers. Het is dus niet nodig om toestemming te vragen aan werknemers voor het plaatsen van camera’s.

 

Cameratoezicht is toegestaan als de werkgever hiervoor een gerechtvaardigd belang heeft.

 

Wel moet de werkgever onderzoeken of het doel niet op een andere manier kan worden bereikt. Is dat niet het geval, dan is cameratoezicht toegestaan. Met andere woorden, het gebruik van camera’s moet noodzakelijk zijn.

 

Waar moet de werkgever rekening mee houden?

 

Tip 1: waarom cameratoezicht?

Ik gaf hiervoor aan dat de werkgever een belang moet hebben bij het gebruik van de camera’s. Denk hier goed over na als werkgever en leg dit doel of deze doelen vast!

 

Tip 2: informeer de werknemers

De werkgever moet ervoor zorgen dat de werknemers en bezoekers geïnformeerd worden over het cameratoezicht. Alleen het plaatsen van een bordje is niet voldoende. De werkgever moet de werknemers ook informeren over hun rechten.

 

Hoe dit op te lossen? Werknemers hebben het recht om te weten hoe de werkgever omgaat met de privacy en wat zijn of haar rechten zijn. Dit ziet niet alleen om de camerabeelden, maar op alle persoonsgegevens die de werkgever van de werknemer verzamelt. Mijn advies: stel een privacyverklaring op voor de werknemers. Deze privacyverklaring kan aan de werknemers worden gezonden, maar kan ook worden opgenomen in het personeelshandboek of op het intranet.  

 

Let op, heeft de werkgever een Ondernemingsraad? Dan moet ook de OR worden geraadpleegd over het gebruik van de camera’s. De OR moet instemmen met het besluit om camera’s te gebruiken.

 

Tip 3: bewaar de camerabeelden niet te lang

De werkgever mag de camerabeelden niet langer bewaren dan noodzakelijk is. De richtlijn hiervoor is maximaal 4 weken. Maar is er een incident vastgelegd, zoals diefstal? Dan mag de werkgever de betreffende beelden bewaren tot dit incident is afgehandeld.

 

Tip 4: doe een privacytoets (“DPIA”)

De werkgever moet eerst een privacytoets uitvoeren. Dit betekent dat de werkgever de belangen en rechten van de werknemers en bezoekers afweegt tegen zijn eigen belang. Bij de DPIA maakt de werkgever een beoordeling van de privacyrisico’s. In het kort komt deze toets erop neer dat de werkgever een beschrijving geeft van de gegevensverwerking, een beoordeling maakt van de privacyrisico’s en aangeeft welke maatregelen zijn genomen om de risico’s aan te pakken. Meer weten over de DPIA? Ik leg het u graag uit!

 

Tot slot

Mogen de camerabeelden worden gebruikt in een rechtszaak, bijvoorbeeld als het gaat om diefstal? Ja, meestal wel. De rechter vindt het belang van het vinden van de waarheid meestal groter dan het (onrechtmatige) bewijs.

Cameratoezicht kan dus zeker nut hebben, maar zorg er als werkgever voor dat dit wel volgens de regels gaat.

Voldoet het beleid van jouw onderneming aan deze voorwaarden? Ik adviseer je hier graag bij. Neem gerust contact met mij op!